Per hoofdstuk
Liberale denkers zoals John Rawls met “A Theory of Justice”, Amartya Sen met “Development as Freedom” en Martha Nussbaum met “Frontiers of Justice” hebben ten overvloede aangetoond dat een vrije en open samenleving een illusie is als sociale rechtvaardigheid ontbreekt.
Niemand is immers gelijk. Niemand heeft dezelfde talenten en mogelijkheden. Niemand heeft ook dezelfde aspiraties en ambities. Wel heeft iedereen recht op evenveel vrijheid. De vrijheid om keuzes te maken in het leven. Om zijn of haar leven uit te bouwen zoals hij of zij dat wil. Maar we moeten durven erkennen dat heel wat mensen niet over die vrijheid, over die keuzemogelijkheden beschikken. Armen, kansarmen, zieken, mensen met een handicap bijvoorbeeld die gevangen zitten tussen de muren van hun onvrijheid. Welnu, het is de plicht van ieder van ons om niet alleen te strijden voor onze eigen vrijheid, voor onze eigen keuzemogelijkheden, maar ook te vechten tegen de onvrijheid, het gebrek aan keuzes dat de anderen treft. Met andere woorden ze van hun ketenen te verlossen. Ze als het ware een lanceerplatform aan te bieden waarop ze een eigen leven kunnen opbouwen. Het uitroeien van de armoede hier en in de rest van de wereld is het enig aanvaardbare doel dat we ons daarbij voor ogen kunnen houden.
Dat is geen kwestie van medelijden. Integendeel. Aan de grondslag ligt een innerlijke, rotsvaste overtuiging dat elke mens, wat zijn situatie, wat zijn fysieke of mentale mogelijkheden ook weze, recht heeft op vrijheid, recht heeft op keuzemogelijkheden. En vrijheid is een hol begrip wanneer je economisch of financieel geen enkele kant uitkan. Economische onvrijheid leidt bovendien tot sociale onvrijheid. En een kansarm gezin geeft zijn ketenen meestal ook door aan zijn kinderen en kleinkinderen. Opeenvolgende generaties die met angst kijken naar de wereld die op hen afkomt.
“Empowerment” is het antwoord. De zwakkeren weerbaarder en sterker maken zowel economisch als sociaal zodat ze in staat zijn om eigen, vrije keuzes te maken. “Empowerment” vraagt om een scherpe koerswijziging in onze aanpak, waarbij we van passieve sociale uitkeringen evolueren naar hefbomen die meer activeren en stimuleren. Een brede sociale zekerheid blijft vanzelfsprekend een noodzaak. Het is de waarborg voor een menswaardig bestaan. Het zorgt ook voor een herverdeling van de welvaart. Toch is ze op zichzelf onvoldoende. Ze functioneert te weinig als “sociale ladder” om naar boven te klimmen, om een beter bestaan op te bouwen. Ze emancipeert te weinig. Vandaar de noodzaak om te investeren in twee andere hefbomen, namelijk werk en opleiding.
Onderwijs, opleiding en vorming zijn cruciaal in het verhogen van de weerbaarheid van mensen. Mensen worden kritischer, zelfzekerder en verwerven zo de nodige competenties. Ze zullen gemakkelijker zelf keuzes maken. Vandaar dat er voor mensen met een handicap geen enkele deur naar scholing en bijscholing mag gesloten blijven. Vandaar ook dat we goed moeten beseffen dat het geen zin heeft jongeren vervroegd de schoolbanken te doen verlaten. Integendeel. Een zo vroeg mogelijke intrede in het onderwijs en een zo laat mogelijke uitstap uit het onderwijs zijn naast een omgeving van levenslang leren de beste garantie tegen armoede en uitsluiting.
Uiteraard geldt dat ook voor arbeid. Het heeft geen zin kansarmen enkel een uitkering toe te stoppen. Veel beter is het die uitkeringen te gebruiken om te activeren en te vormen. Kansarmen moeten niet meelijwekkend bekeken worden als slachtoffers, maar als mensen met een potentieel die hulp en een duw in de rug nodig hebben. Niemand wordt geboren zonder een vleugje talent. En voor elk talent zijn er mogelijkheden in de samenleving.
“Empowerment” vraagt ten slotte om een veilige en betere leefomgeving. Overlastbuurten die gebukt gaan onder verloedering en vervuiling zijn vaak ook wijken waar marginaliteit, illegaliteit en criminaliteit zich concentreren. Het zijn buurten die worden gemeden, waar de bewoners nauwelijks nog sociale bindingen hebben met de rest van de samenleving en die broeihaarden vormen voor criminele organisaties en radicale netwerken. Een open samenleving kan zich evenwel geen “no-go zones” of straffeloosheid veroorloven. Waar veiligheid ontbreekt, zijn de zwakkeren altijd het eerste slachtoffer. En bovendien is er geen vrijheid mogelijk in een onveilige leefomgeving. “Empowerment” maakt slechts een kans in een klimaat van veiligheid waar de zwakkere wordt beschermd tegen de sterkere en de rechtvaardigheid het haalt van het onrecht.











