Een groeiende economie

Zowel de plannen van Kok, als onze voorstellen zijn aanpassingen, weliswaar diepgaande aanpassingen, die de sociale zekerheid moderniseren, haar doelmatiger en socialer maken, en haar opnieuw in overeenstemming brengen met de vereiste van economische doelmatigheid, waarzonder er in een samenleving geen duurzame welvaart kan worden gecreëerd. Koks voorstellen houden evenwel, net zomin als de onze, de invoering in van een nieuwe sociale politiek. Nochtans zou in de komende decennia kunnen blijken dat alleen een volslagen andere aanpak de uitdaging waarvoor wij en de meeste andere Europese landen staan, het hoofd kan bieden.

Een eerste aanzet tot zo'n volkomen nieuw sociaal beleid wordt hier en daar al schoorvoetend geformuleerd. Een aantal sociaal-democratische politici in Nederland en enkele politici van liberale en groene signatuur in eigen land ondernemen daartoe pogingen (14). Hun suggesties komen erop neer dat het grootste gedeelte van de sociale zekerheid – de verzekering inzake gezondheidszorgen uitgezonderd – vervangen zou worden door een basisinkomen, waarop iedereen, ongeacht of men werkt of niet, jong is of oud, man is of vrouw, recht zou hebben. Al wie geen inkomen heeft, zou een gedeelte van het basisinkomen ontvangen. Wie evenwel een volwaardig inkomen geniet uit arbeid, spaargelden, beleggingen of investeringen, zou geen toelage, maar wel een overeenkomstige vrijstelling van belasting ontvangen. Tussen het basisinkomen en een volwaardig inkomen uit een voltijdse baan, zou uiteraard nog altijd een belangrijke spanning blijven bestaan. Voor het overige zou iedere burger die dat wenst, aanvullende verzekeringen kunnen afsluiten, waarbij de overheid er alleen over waakt dat er niet wordt gediscrimineerd en dat ze voor iedereen toegankelijk zijn.

Hoe algemeen geformuleerd en hoe onzeker de financiële uitkomst van deze voorstellen ook nog moge zijn, toch blijkt er duidelijk uit dat zo'n radicale omvorming heel wat voordelen zou bieden. In de plaats van ons ingewikkeld systeem met tientallen diverse uitkeringen, zou er één eenvoudig en doorzichtig stelsel komen. Daardoor zou meteen ook een einde komen aan de voortdurende betwistingen over wie wel en wie geen recht heeft op deze of gene uitkering. Iedereen heeft er immers recht op. Enkel de hoogte van het inkomen bepaalt of men het basisinkomen ontvangt onder de vorm van een vergoeding, een vrijstelling of een combinatie van beide. Het basisinkomen zou ook fungeren als een vorm van betoelaging of subsidiëring van minder goed betaalde jobs en aldus het systeem van de minimumlonen overbodig kunnen maken. Door het systeem van de minimumlonen zijn immers heel wat minder gekwalificeerde banen op de arbeidsmarkt verdwenen, waardoor veel jongeren en vooral mensen zonder beroepservaring of zonder diploma in de langdurige werkloosheid terecht zijn gekomen.

Wellicht voelen we de crisis nog onvoldoende aan en is het daarom voor deze voorstellen nog veel te vroeg om een kans op verwezenlijking te hebben. Maar het is hoe dan ook levensnoodzakelijk dat er verder over nagedacht wordt. Ik vrees namelijk dat zelfs de meest ingrijpende hervormingen die Kok in Nederland en wij in eigen land hebben uitgetekend, niet voldoende zullen zijn om het tij te doen keren en de helse kringloop van jobvernietiging te doorbreken, waarin onze economie sinds de jaren zeventig is beland.

Wat er ook van zij, de omvorming van de sociale zekerheid is slechts één van de ingrepen die onze economie behoeft, wil ze opnieuw in staat zijn jobs en arbeidsplaatsen te creëren. Er zijn vanzelfsprekend nog andere ingrepen nodig, zoals de zoëven vermelde wijziging van de minimumloonregeling. Maar ook de strakke arbeidsduurreglementering moet worden versoepeld, en de arbeidsvernietigende drempels moeten worden afgeschaft. Bovendien moeten een aantal verplichtingen worden opgeheven (waaronder de oprichting van een ondernemingsraad en een comité voor veiligheid, gezondheid en hygiëne) die beletten dat er duizenden arbeidsplaatsen worden gecreëerd, omdat de werkgever in zijn bedrijf dergelijke organen niet wenst.

De belangrijkste van alle noodzakelijke ingrepen bestreft evenwel het vrijmaken van de loonvorming. Komt er een loonsverhoging of niet? Wordt het loon geïndexeerd of niet? Worden er al dan niet extra-legale voordelen toegekend? Dat alles moet door de werkgever en de werknemers onderling en vrij via onderhandelingen kunnen worden bepaald. Op die manier kan ook beter rekening worden gehouden met de toestand warin het bedrijf zich bevindt. De wellicht meest ingrijpende maatregel die inzake loonvorming moet worden getroffen, heeft evenwel betrekking op de mogelijkheid de werknemers in steeds ruimere mate te vergoeden door middel van, van belastingen vrijgestelde, winstdeelnemingen en kapitaalparticipaties. Zo kan er een sterke band worden geschapen tussen werkgever en werknemer. Zo'n band maakt trouwens ook de sterkte uit van de Zuidoostaziatische economieën. Op die wijze kunnen de werknemers ook extra gemotiveerd worden, zonder dat dit leidt tot nieuwe, ondraaglijke verhogingen van de loonkosten. Bovendien werken ze dan ook voor een bedrijf of een zaak die voor een deel van hen is. Nu de ideologie die de produktiemiddelen in handen van de staat wou spelen, duidelijk gefaald heeft, is de tijd aangebroken om het bezit van die produktiemiddelen drastisch te gaan democratiseren en populariseren.

Normaal lettertype Groter lettertype Extra groot lettertype
burgermanifest.be
openvld-lila.be
OpenTube.be
Rapport Van Mechelen
Word Lid
Liberale lijn in Regeerakkoord
Bezoek de Brainlane website