De nieuwe breuklijn

“Het georganiseerde belangen-apparaat, dat geen ander doel heeft dan druk uit te oefenen op de bestuurders, is het meest geduchte kwade brein geworden, dat de regeringen tot schadelijke handelingen dwingt.”
Friedrich A. Hayek, Recht, Wetgeving en Vrijheid.
De tegenstelling in de Belgische politiek is niet meer een strijd tussen links en rechts, gelovig en niet-gelovig, vrije markt en planekonomie. Welke zin heeft het nog te spreken over links en rechts. Wat is tegenwoordig "links" en wat "rechts"? De zeldzamen die nog pleiten voor een socialistische planekonomie en wijdverspreide interventies van de overheid noemen zich links, waaronder dan "progressief" moet worden verstaan. Eigenlijk is dat een aberratie. Want precies de begrippen "links" en "progressief" werden altijd gebruikt als etiketten voor regimes die gedurende decennia de mens hebben uitgehongerd, onderdrukte en vermoord.

En toch. Wie in onze westerse samenleving de liberale demokratie en de vrije ekonomie verdedigt, wordt nog bijna automatisch "rechts" genoemd – hij is afkeurenswaardig want het begrip betekent in feite "reaktionair" ofte gekant tegen vooruitgang. Voor wat betreft de landen die tot de voormalige Sovjet-Unie, dus het huidige GOS, behoren, is het eigenaardig genoeg net het tegenovergestelde. Zij die daar zweren bij de vrije marktekonomie heten "links", ook in onze westerse berichtgeving. Zij die zich blijven vastklampen aan het socialisme en het kommunisme heten in al onze nieuwsbulletins steevast de "rechtse konservatieven".

Wel intakt is het onderscheid tussen "gelovig" en "niet-gelovig" gebleven. Die begrippen behouden ook vandaag nog hun volle betekenis, maar ze beheersen niet meer de politieke strijd. De scheiding tussen Kerk en Staat, tussen religie en politiek, tussen het spirituele en het wereldlijke wordt niet meer betwist. Algemeen wordt aanvaard dat gelovigen ook politiek aktief kunnen zijn in partijen die het Evangelie of de Bijbel niet gebruiken (of misbruiken) als blauwdruk voor een politiek systeem.

Tussen gelovigen en niet-gelovigen hoeft inderdaad geen demarkatielijn meer te liggen. Politiek beschouwd, bestaan binnen de realiteit gelovig/niet-gelovig grotere verschillen dan tussen deze werelden zelf. Iedereen kent sterk socialistisch gezinde kristenen, tegenover zeer aan de vrije markt gehechte vrijzinnigen. Iedereen kent wel een katolieke kerkganger die, bijvoorbeeld, al het ongeluk van de derde wereld aan het kapitalisme toeschrijft. Even zo goed kennen we de vrijzinnige die wil dat de vrije mens en het gezinsverband waarin hij leeft zich uit de omknelling van de overheid moet proberen te houden. De politieke kloof ligt als dusdanig niet tussen geloof of ongeloof, maar desgevallend binnen die "kampen" zelf. Er bestaat geen enkele reden meer om, politiek gesproken, de geesten te laten scheiden door religieuze tema's.

De echte politieke tegenstelling bestaat tussen hen die de voorkeur geven aan een vrij handelend, onderhandelend, demokratisch en kontrolerend burgerschap, en de anderen die het maatschappelijk leven beheerst willen zien door de bemoeienis van "hogerhand". Het religieuze levensgevoel en de gelijkgezindheid met andere gelovigen, staat daar helemaal buiten. Wie de bevolking politiek nog wil mobilizeren op grond van geloofszaken, staat in feite met lege handen. Hij probeert een kunstmatige tegenstelling op te roepen.

De politiek ontwikkelt zich vandaag volgens een nieuwe breuklijn: deze tussen de burger die steeds verder vervreemdt van de politieke demokratie en de meeste politici die nog slechts de emanatie zijn van de partijen en hun zogenaamde achterbannen. Poupehan heeft van die nieuwe scheidslijn het meest welsprekende bewijs gebracht. Op zijn sterfbed maakte ACW-leider Jef Houthuys bekend dat bijna een decennium lang een klein klubje van invloedrijke personen, behorende tot de kristelijke zuil – Wilfried Martens, Fons Verplaetse, Jef Houthuys, Hubert Detremmerie – de grote beslissingen voorkauwde die door de regering werden genomen: de devaluatie, de indexinleveringen en noem maar op .

Poupehan heeft duidelijk gemaakt dat de zuilen en dan vooral de kristelijke zich buiten de demokratische kontrole om, hebben ontwikkeld tot "de politiek zelf", tot een mastodont en ekonomische, sociale en financiële belangen, een mastodont die met heel zijn gewicht op onze samenleving weegt. Er gebeurt niets en er wordt niets beslist zonder haar instemming. Haar vertrouwensmensen zijn overal aanwezig en vertegenwoordigd. Ze beheren de overheidsbedrijven, keren de werkloosheidsvergoedingen uit, bepalen de prijzen van de geneesmiddelen, runnen hospitalen en apoteken, financieren en kontroleren openbare initiatieven voor waterzuivering, afvalverwerking of huisvesting, investeren in staatsobligaties en Brussels vastgoed. Zij leveren de premier van de nationale regering, de voorzitter van de Vlaamse Exekutieve, de gouverneur van de Nationale Bank en vele tientallen andere sleutelposten in het koninkrijk. Zij houden honderden volksvertegenwoordigers, senatoren, burgemeesters en schepenen in hun wurggreep. Zij teren op duizenden "vrijwilligers" en vrijgestelden. Kortom, zij bepalen heden en toekomst van het land. De burger weet dat, hij is niet dom. Hij voelt instinktmatig aan dat zijn invloed en de invloed van diegenen die hij verkozen heeft, nihil is. De breuklijn? Hij ziet ze liggen.

Het politieke landschap in ons land moet dan ook hertekend worden. Tegenover het geweld van de staat en de drukkingsgroepen is één grote partij van de burger nodig, een die opkomt voor de elementaire rechten en vrijheden van iedereen, een tegengewicht voor de machts- en standenpartijen die de kristen-demokraten en socialisten van hun oorspronkelijke ideaal gemaakt hebben. De nieuwe partij moet de individuele burger en zijn gemeenschap verdedigen tegenover de staat en zijn parasieten. Het moet een partij zijn die opkomt voor de leefgemeenschappen die spontaan ontstaan een gegroeid zijn, de "organismen" (individu, gezin, familie, buurt, wijk, volk), en dat tegenover de kunstmatige instellingen, de "organizaties" (staat, overheid, administratie, bureaukratie) . Het is daarbij niet voldoende dat deze organizaties demokratisch verkozen en samengesteld zijn, opdat zij zich mogen aanmeten, zoals zij dat nu doen, voortdurend in de plaats te treden van de burger en zijn leefgemeenschap.

Het kan niet genoeg worden herhaald en sommigen onderhouden trouwens bewust de verwarring, dat de staat de gemeenschap niet is en de gemeenschap de staat niet. De staat is het gezag, de macht, de politiek. De gemeenschap daarentegen is de samenleving van de mensen, van de burgers, de société civile, de burgerlijke maatschappij in de ware zin van het woord. Van zodra de staat zich in de plaats stelt van de gemeenschap is het niet meer bekwaam de noden van deze laatste te lenigen en maakt hij zichzelf onmachtig om zijn eigen, specifieke rol te vervullen. De staat die buiten zijn oevers treedt, zoals dit vandaag het geval is, is een staat die de samenleving verarmt en ontregelt. Dat is de sterke, de illegale staat .

In de illegale staat wil de overheid zich met alles en nog wat moeien. In de illegale staat zijn het uiteindelijk de fraude en het arbitraire die zich ontwikkelen ten nadele van het recht en de wettelijkheid. In de illegale staat plooien de gemeenschap en de burgers zich uiteindelijk volledig terug op zichzelf. Cocooning, yuppies, maatschappelijk egoïsme zijn de produkten van de illegale staat, niet van de open samenleving. Je mag die mensen geen gelijk geven, maar soms kan je ze wel begrijpen. De overheid betuttelt en bemoeit zich zodanig met het leven van de mensen, dat zij het uiteindelijk beu worden en uitschreeuwen: "Laat me met rust," "ik heb niemand iets gevraagd."

Egoïsme, het nastreven van eigenbelang, desnoods ten koste van de medemens, is kenschetsend voor iedere maatschappij die geterroriseerd wordt door een bureaukratische overheid. Individualisme daarentegen, het geloof dat elke mens uniek is en drager is van een aantal onvervreemdbare rechten en vrijheden, is het tegenovergestelde van egoïsme . De open samenleving steunt op die individuele vrijheid, op recht ook, op verantwoordelijkheid, genegenheid, edelmoedigheid en spontane solidariteit, m.a.w. op alles wat de gemeenschap met elkaar verbindt. De illegale staat daarentegen stoelt op bevoogding, afgunst en sociale dwang. Dat is de nieuwe breuklijn. Kristen-demokraten en socialisten verdedigen de sterke, de illegale staat, daarbij vergetend dat alle autoritaire regimes van links of van rechts, altijd gezocht hebben naar een grotere greep van de staat op de gemeenschap en de burgers. De nieuwe partij die uit de hergroepering van ons versplinterde politieke krachtenveld geboren moet worden, zal integendeel juist moeten opkomen voor die burger en zijn gemeenschap. Het zal een beweging zijn van mensen, die als onafhankelijke personen, de burgers opnieuw werkelijk willen vertegenwoordigen. Dat heet: opkomen voor het algemeen belang.

Alleen zo'n beweging kan ook het alternatief zijn voor de anti-politieke reaktie die in de herfst van 1991 de kop opstak. Men moet zich geen begoochelingen maken. Als er niets verandert, indien geen geloofwaardig alternatief voor de standen- en machtspolitiek van kristen-demokraten en socialisten wordt geboden, zal bij de volgende verkiezingen de anti-politieke wind nog heviger waaien dan dit reeds op 24 november het geval was. Nochtans hebben de burgers van de anti-politiek niet het minste heil te verwachten. Zij heeft niet de betrachting of de ambitie verantwoordelijkheid op te nemen, problemen op te lossen of de samenleving een andere, betere richting uit te stuwen. Haar doel is de afkeer van de burger voor de politieke demokratie aan te wakkeren en te bestendigen. Haar doel is de politieke demokratie zelf op de helling te zetten en te vernietigen. De burger heeft hoegenaamd niets te verwachten van deze ekstremistische en anti-politieke boodschappers. Zij hebben wel een rookpluim laten opstijgen: er smeult iets in onze demokratie.

Wie eerlijk is, weet en zegt het al geruime tijd: wat we nodig hebben is een groots liberaal, demokratisch georiënteerd en geïnspireerd alternatief dat de burger en de gemeenschap opnieuw aan de oppervlakte zal brengen. Waar het nu om gaat is de negatieve energie die vrijkwam op 24 november om te zetten in een positieve aktie door een beweging te vormen van alle burgers die de vrijheid niet vrezen, de verantwoordelijkheid niet schuwen, de solidariteit niet ontlopen en de staat geen slaafse volgzaamheid toedragen.

Normaal lettertype Groter lettertype Extra groot lettertype
burgermanifest.be
openvld-lila.be
OpenTube.be
Rapport Van Mechelen
Word Lid
Liberale lijn in Regeerakkoord
Bezoek de Brainlane website